Planeten & heelal in het Engels

De planeten in het Engels: Earth (de aarde), planet (de planeet), sun (de zon), Moon (de maan), star (de ster), galaxy (het sterrenstelsel). Hieronder staan alle 24 woorden over dit onderwerp uit de lessen 173 en 42 van de Flashcardly-cursus, elk met een afbeelding en native audio.

Leer deze 24 woorden in de app

Met afbeeldingen, native audio, en elk woord komt terug vlak voordat je het zou vergeten. Gratis op iPhone en Android.

Gratis downloaden
Download in de App Store Ontdek het op Google Play Scan met de camera van je telefoon

Planeten & heelal in het Engels: alle 24 woorden

Fout melden

Vertel ons wat er niet klopt. We bekijken elke melding.

Wat klopt er niet?

Tik op een plaatje om het te horen.

Les 173 · Heelal & kosmos 12 woorden

  • Earth de aarde

    We live on the earth.

    Wij wonen op de aarde.

  • planet de planeet

    We live on this planet.

    Wij wonen op deze planeet.

  • space de ruimte

    There is no air in space.

    Er is geen lucht in de ruimte.

  • galaxy het sterrenstelsel

    Our galaxy has many stars.

    Ons sterrenstelsel heeft veel sterren.

  • universe het universum

    The universe is very large.

    Het universum is erg groot.

  • comet de komeet

    I saw a bright comet.

    Ik zag een heldere komeet.

  • asteroid de asteroïde

    The large asteroid hit the moon.

    De grote asteroïde raakte de maan.

  • gravity de zwaartekracht

    Gravity keeps us on the ground.

    De zwaartekracht houdt ons op de grond.

  • telescope de telescoop

    I see stars through the telescope.

    Ik zie sterren door de telescoop.

  • eclipse de zonsverduistering

    We watched the solar eclipse.

    Wij hebben de zonsverduistering bekeken.

  • orbit draaien om

    The moon orbits the planet.

    De maan draait om de planeet.

  • satellite de satelliet

    The satellite orbits the Earth.

    De satelliet draait in een baan om de aarde.

Les 42 · Lucht, zon & sterren 12 woorden

  • sun de zon

    The sun shines in the sky.

    De zon schijnt aan de hemel.

  • Moon de maan

    I see the bright moon.

    Ik zie de heldere maan.

  • star de ster

    I see a bright star.

    Ik zie een heldere ster.

  • sky de lucht

    Birds fly in the sky.

    Vogels vliegen in de lucht.

  • cloud de wolk

    A dark cloud hides the sun.

    Een donkere wolk verbergt de zon.

  • rain de regen

    The rain falls from the sky.

    De regen valt uit de lucht.

  • wind de wind

    We feel the cold wind.

    Wij voelen de koude wind.

  • storm de storm

    The strong storm broke the trees.

    De sterke storm brak de bomen.

  • rainbow de regenboog

    I see a rainbow in the sky.

    Ik zie een regenboog in de lucht.

  • shadow de schaduw

    I see a dark shadow.

    Ik zie een donkere schaduw.

  • sunset de zonsondergang

    We watched the beautiful sunset.

    We hebben naar de prachtige zonsondergang gekeken.

  • thunder de donder

    We heard the loud thunder.

    We hoorden de harde donder.

Gratis voor persoonlijk gebruik en in de klas. Leer je met papieren kaarten? Zo sorteer je ze in bakjes.

Snelle quiz

Vijf vragen over de woorden op deze pagina.

Planeten & heelal in het Engels: leer deze woorden in lessen van vijf minuten.

Afbeeldingen, native audio en herhalingen op precies het goede moment. Gratis op iPhone en Android.

Scan de code met de camera van je telefoon om de app te downloaden.