Maanden in het Zweeds
De maanden in het Zweeds: januari (januari), februari (februari), mars (maart), april (april), maj (mei), juni (juni), juli (juli), augusti (augustus), september (september), oktober (oktober), november (november), december (december). Hieronder staan alle 12 woorden over dit onderwerp uit les 26 van de Flashcardly-cursus, elk met een afbeelding en native audio.
Leer deze 12 woorden in de app
Met afbeeldingen, native audio, en elk woord komt terug vlak voordat je het zou vergeten. Gratis op iPhone en Android.
Maanden in het Zweeds: alle 12 woorden
Tik op een plaatje om het te horen.
Het Nederlands is verborgen. Zeg het woord en tik dan op het grijze vak om jezelf te controleren.
Les 26 · Maanden & data 12 woorden
- januari januari
Januari är årets första månad.
Januari is de eerste maand.
- februari februari
Februari är oftast en kort månad.
Februari is meestal een korte maand.
- mars maart
Jag brukar hälsa på dem i mars.
Ik bezoek hen meestal in maart.
- april april
Basketmatchen är i april.
De basketbalwedstrijd is in april.
- maj mei
Min slutexamen är i maj.
Mijn eindexamen is in mei.
- juni juni
Jag kommer att veta svaret till juni.
Ik weet het antwoord in juni.
- juli juli
Juli är oftast en väldigt varm månad.
Juli is meestal een erg warme maand.
- augusti augustus
Kan vi ses igen i augusti?
Kunnen we in augustus weer afspreken?
- september september
Min semester är i september.
Mijn vakantie is in september.
- oktober oktober
Är din födelsedag i oktober?
Is je verjaardag in oktober?
- november november
Varför regnar det i november?
Waarom regent het in november?
- december december
December är årets sista månad.
december is de laatste maand.
Gratis voor persoonlijk gebruik en in de klas. Leer je met papieren kaarten? Zo sorteer je ze in bakjes.
Meer Zweedse flashcards
Zweedse woorden per onderwerp
- Getallen1–100
- Dagen van de week12
- Maanden12
- Kleuren19
- Familie36
- Eten44
- Dieren36
- Kleding41
- Het weer24
- Begroetingen12
- Fruit16
- Groenten12
- Keuken & koken36
- Restaurant & eten bestellen48
- Huis & kamers48
- School & schoolspullen48
- Vervoermiddelen48
- Reizen60
- Sport & spel60
- Natuur & planten36
- Tijdsaanduidingen36
- Feestdagen & feesten12
- Vormen12
- Alsjeblieft & dank je wel24
Woordenlijsten
Maanden in andere talen